Lieve Mies

Liefde

Lieve Mies

Door -

Deel dit artikel

Lieve Mies,

Ik was zes jaar toen je in mijn leven kwam. Ik herinner me niet alles van mijn jeugd, maar van twee dingen weet ik nagenoeg nog alle details. Van de opkomst van The Beatles en van Open Het Dorp.

We hadden net televisie en meteen zaten we twee dagen achter elkaar, op 26 en 27 november 1962, aan de buis gekluisterd. De bedoeling van Open het Dorp was om geld in te zamelen voor een woongemeenschap en zorginstelling voor gehandicapten in Arnhem. Je haalde met je empathie, je zonnige humeur, je humor en je professionaliteit ruim 16 miljoen gulden binnen, een voor die tijd ongehoord bedrag. En in één klap was je op 32-jarige leeftijd de Koningin van de Nederlandse televisie.

Dat elke Koning of Koningin zomaar van de troon kan vallen bewees je een jaar daarna, toen ik als 7-jarige weer voor de buis zat om gebiologeerd naar een programma te kijken waar ik weinig van begreep, maar dat ik daardoor juist fascinerend vond. Het heette 'Zo is het toevallig ook nog eens een keer', een satirisch programma, dat van 1963 tot 1966 werd uitgezonden door de VARA naar het voorbeeld van het BBC-programma That Was The Week That Was, dat gepresenteerd werd door de Britse journalist David Frost.

Daar zat je dan, naast intellectuelen als Dimitri Frenkel Frank, Joop van Tijn, Jan Blokker, Hans van den Bergh en Rinus Ferdinandusse. Ik herinner me nog dat ik het heel apart vond om je tussen die mensen te zien, die het idee gaven dat ze wisten waar ze het over hadden en die eigenlijk best wel heel erg lollig waren, al begreep ik nogmaals niet helemaal waarom er thuis om gelachen werd. Maar ik lachte maar mee, als voorschot op als ik het later wel allemaal begreep.

De nationale teleurstelling daarover kreeg vorm in doodsbedreigingen en de waarschuwing dat je oudste kind zou worden ontvoerd.

De meest geruchtmakende aflevering was die van 4 januari 1964 waarin de sketch Beeldreligie werd uitgezonden. Acteur Peter Lohr sprak een gebed uit tot het Beeld (waarmee de televisie werd bedoeld), dat de vorm had van het christelijke Onzevader: Gij zult de knop geenszins omdraaien, want dit is het beeld een gruwel.' De scène leidde tot een storm van verontwaardiging en vragen in de Tweede Kamer. Deze richtte zich met name tegen jou, want je was tenslotte de publiekslieveling van Open het Dorp. Van de anderen viel het godslasterlijke gedrag kennelijk te verwachten. Maar jou werd niet vergeven dat je het waagde anders te zijn dan het beeld dat de tv van je had geschapen, dat van de lieverd van Het Dorp. De nationale teleurstelling daarover kreeg vorm in doodsbedreigingen en de waarschuwing dat je oudste kind zou worden ontvoerd. Mensen deden een drol in een envelop en adresseerden die aan jou, de hoer van Hilversum.

Het toont je kwaliteit en klasse dat je opstapte bij het programma (het had je niets dan ellende gebracht) en gewoon door ging met programma's maken. Binnen no time was je met programma's als Mies en Scene en met name Een van de acht, het eerste spelprogramma van Nederland, weer de vorstin van de buis. En die titel zou je daarna nooit meer weggeven. Ik herinner me een Grand Gala Du Disque uitzending in 1970 toen je mijn favoriete band van dat moment Blood, Sweat & Tears aankondigde, die een Edison had gewonnen voor het tweede magistrale album, een moment waarop ik dacht: 'Mies is nu ook rock 'n' roll.'

Je was super vriendelijk en aardig, kan ik me herinneren. Het werd een kort interviewtje, van Mies met een gast.

Gisterenavond, toen ik las dat je er niet meer was, schoten al die gedachten aan vroeger door mijn hoofd. Ik ben niet meer zo van de herinneringen. Ik vind het nu nog veel te leuk om te teren op vroeger, maar je was zo een onderdeel van mijn jeugd dat het niet anders kon dat al die herinneringen aan toen, en de situaties eromheen, als een samengepakte wervelwind door mijn hoofd gingen. Ik heb je een keer ontmoet. Dat was via de toenmalige Weekend-reporter Ger Lammens, waar ik bevriend mee was. Hij noemde jou zijn tweede moeder en jouw zoon Joost Timp een van zijn beste vrienden. Hij had afgesproken met Joost, die niet lang daarna met Bloem een van de vrolijkste Nederlandstalige liedjes ooit zou maken, getiteld 'Even aan m'n moeder vragen' en hij nam me mee. In het ouderlijk huis van Joost was daar natuurlijk ook de moeder. 

Je was super vriendelijk en aardig, kan ik me herinneren. Het werd een kort interviewtje, van Mies met een gast. Je vroeg me honderduit over mijn vader, acteur Hans Boskamp, die je goed kende en die je zo een charmante man vond. Toen ik in alle eerlijkheid vertelde dat ik niet zo'n innig contact met hem had en dat hij als vader tamelijk onzichtbaar was, zei je: 'Dan moet je moeder Nannie het goed hebben gedaan, want je lijkt me een lieve jongen.'

Even voelde ik me als alle gasten die ooit in je programma's hebben gezeten. Alsof er een warme deken over me was neergedaald. Een moment om nooit te vergeten en voor altijd te koesteren.

 

Deel dit artikel