De beste ADE-dag is zaterdag overdag

Entertainment

De beste ADE-dag is zaterdag overdag

Door -

Deel dit artikel

Echt de beste ADE-dag! Want dan vindt in het Amsterdamse Transformatorhuis en de aangrenzende Westerunie het All Day I Dream & Days Like Nights Festival plaats, waar de beestachtig goede Britse Dj Lee Burridge draait.

Als niet te versmaden extra's krijg je er voor hetzelfde geld ook nog Dj-optredens van Sébastien Léger (zie het Mannenzaken-verhaal) de Nederlandse held Eelke Kleijn en Burridge's vaste All Day I Dream-kompaan Yokoo bij. Voor dit door Audio Obscura georganiseerde feest zijn er nog kaarten verkrijgbaar op de site van het Amsterdam Dance Event.

Om alvast in de stemming te komen of als je thuis blijft en toch een graantje mee wil pikken van de sfeer van het ADE, is hier een zonnig verhaal dat ik vorig jaar over een dagje Lee Burridge (die volgende maand 50 wordt!) heb geschreven.

‘I have seen the future of dance and his name is Lee Burridge'- Mick Boskamp, nightlife- turned daylife-reporter

 
Als op 13 augustus 2017 bus 81 bij de halte van het Bloemendaalse strand stopt en we stappen uit, breekt de lucht open en als de lucht open breekt, dan breekt de zon door. We kijken elkaar aan, mijn vriend Sicco en ik, en geven elkaar een hi five. Of beter gezegd: ik geef Sicco een hi five en hij mij een low five. We schelen namelijk nogal in lengte.

Hoe goed is dit! Dat we mooi weer hebben vandaag op Woodstock! Als er 1 sound is die de zon verdient, dan is het wel de All Day I Dream-sound van Lee Burridge en consorten.

De oorzaak van het virus

Een paar weken geleden waren we op Welcome To The Future en gisteren op Loveland. De muziek die de hele dag over mijn oortjes speelt, bestaat uit mixen op Mixcloud en Soundcloud van Hernan Cattaneo, Nick Warren, John Digweed, Joris Voorn en Burridge. Op de sportschool, op de fiets, in de trein, het is dance, dance, dance en ik kan er maar geen genoeg van krijgen.

En de reden dat ik het virus weer te pakken heb, heeft alles met diezelfde Lee Burridge te maken, waarvoor we hier zijn op deze magnifieke zondagmiddag.

Een paar maanden geleden werd ik door mijn lieve vriend, MC P-Pholl, gewezen op een Facebook-filmpje van Lee, geschoten op het DGTL-festival, dat me zo beviel dat ik meer wilde horen van de man die ik rond de Millennium-wisseling een paar keer had ontmoet. En die onder de naam Tyrant samen met zijn muzikale partner van toen, Craig Richards, in de Londense Fabric een soort mix tussen progressive en techno ten gehore bracht.

Uitgaan is boy meets girl

Wat ik op dat filmpje zag, was een andere Lee dan die ik kende van 16 jaar (!) geleden. Hij straalde, had de glimlach van iemand die licht en liefde in zijn leven had toegelaten en de plaat die hij draaide, was vet als vet kan zijn, maar tegelijkertijd van een spirituele vrolijkheid, alsof het Café Del Mar-concept van zonsondergang-muziek een pompende en zeer dansbare draai had gekregen. Daar wilde ik meer van horen! Op Mixcloud vond ik een Burning Man-set uit 2016 van hem, die onderstreepte wat ik al eerder dacht, namelijk dat hier iets gebeurde, iets anders, iets dat me energie gaf en me goed deed voelen.

Op internet vond ik een geweldig verhaal over Lee op The Huffington Post (!) met als titel From Hong Kong To Burning Man: Lee Burridge’s Adventures in Music. Daarin vertelt hij dat hij rond 2007 als reactie op de minimale dansmuziek van dat moment en vanwege het feit dat hij bijna alleen maar voor jongens stond te draaien en de meisjes nagenoeg afwezig waren, melodieuzere tracks begon te spelen.

Uit het verhaal:

Next, I found myself playing an after-hours event in a villa in Playa Del Carmen in 2010 during BPM festival and a lot of my friends were there hanging out. I decided to play only the melodic music I had with me. The response was amazing. A lot of people got up and started dancing and didn’t stop for hours. Most, were girls. That really stuck with me.

Hoe je het ook wendt of keert, uitgaan is boy meets girl. Het hele leven is boy meets girl. Want daaruit ontstaat leven. Lee begreep dat en het All Day I Dream-concept was geboren, een noemer waaronder naast Lee een hele rits ‘familieleden’ (lees Dj’s) horen. Met gevoel voor zelfspot noemt hij zichzelf ‘Great Grandfather’.

Verzamelplek voor mutanten

Als Sicco en ik aankomen bij Woodstock realiseer ik me hoe bijzonder deze beach club is. Voorheen heb ik me altijd een beetje afgezet tegen deze stek, die ik zag als een verzamelplek voor weggewaaide mutanten. Maar in feite is er geen ‘strandtent’ ter wereld, die er zo mooi en tegelijkertijd zo creatief en geestig uitziet als deze. Na de verwoestende brand van 19 januari 2016 is uit de as een soort van Cubaans dorp herrezen, met kleurrijke huizenfronten, inclusief nep-balkonnetjes. Het is alsof je op filmset staat van Holiday In Havana uit 1949. Ontroerend goed.

We zijn nog niet goed en wel binnen of de Belgische Dj en producer Lost Desert arriveert met in zijn kielzog een buslading landgenoten (m/v). De in Ibiza-kledij gestoken Belgiers, zoals onze kleine meid de Zuiderburen noemt, hebben er zo te zien zin in en zetten meteen de toon door flessen champagne aan te laten rukken. Dit wordt een knus partijtje, zoveel is duidelijk! Lost Desert begint meteen te draaien en ontpopt zich alras tot een ideale warm-up Dj.

Lost Desert is een graag gezien lid van de All Day I Dream-familie, waar hij de bijnaam Long Lost Brother draagt. Samen met Lee, met anderen of solo maakt hij de ene mooie plaat na de andere. Deze zomer zijn het de songs met lyrische mannenvocalen die voor de uit duizenden herkenbare ADID-sound zorgen, zoals de track 12CC van Lost Desert en Lee, featuring Junior en Hunter van Lost Desert en Ramon Taipa.

Publiek in een gewillige houdgreep

Het wordt steeds drukker als Sicco en ik in gesprek raken met twee Belgiers van het vrouwelijke geslacht. Ik vertel dat ik een soort déjà vu krijg met zoveel Vlaams sprekende blije en dansende mensen om me heen. Alsof het 1995 is en ik op zondagochtend in La Rocca in Lier sta, een fameuze plek waar het flink los ging. ‘Dat heb ik nog wel mee gekregen,’ zegt de jongste van de twee. ‘Toen was ik drie jaar…’ De jongedame heeft humor en blijkt de dochter van Lost Desert te zijn, die – as we speak – het publiek in een gewillige houdgreep houdt.

Dan zie ik vanuit mijn ooghoeken in de Dj booth een man in een Paars T-shirt staan. ‘Daar heb je ‘m,’ zegt Sicco. Ik aarzel geen moment en loop richting podium. Want let wel: onder die nieuwe dagdromer zit nog steeds die oude nachtreporter. Als Lee me ziet, word ik getrakteerd op de breedste glimlach on this side of the Rocky Mountains en hij hugt me en zoent me op de wang. Ik houd van mannelijke Dj’s die zoenen, maar ze zijn schaars. Danny Howells is er eentje. En Lee dus.

Ik zeg tegen hem dat ik gek op zijn sound ben. Dankbaar zegt hij: ‘Ah, dat is zo fijn om te horen! Dit is wat ik wil.’ En hij wijst naar de dansende meute. ‘Mensen verbinden. Dat is wat de wereld nodig heeft. Verbinding.’ Hij zegt het op een manier, waarbij ik tranen in mijn ogen krijg. Hij ziet dat. En weer krijg ik een knuffel. Mannen van tegenwoordig; bar en boos is het.

Toen werd ik er knettergek van

Het is tijd. Voor Lee. Binnen een half uur heeft hij het publiek helemaal voor zich gewonnen met zijn fenomenale stijl van draaien (melodieus, spacy, groovy) en zijn fijne energie. En zoals verwacht is de mix tussen mannen en vrouwen ideaal te noemen (op de Facebook-pagina van het ijzersterke Audio Obscura, de organisator van de All Day I Dream-party @ Woodstock, staat een fraaie mooie mensen-fotoserie van de zondag). En op dat moment realiseer ik me dat dit – grote schande – de eerste keer in mijn leven is dat ik een muziekstijl apprecieer die ook door de meisjes* wordt gevroten. Garage? Ik vond het altijd soul met een beatje. Speed garage? Ik hoorde laatst Joris Voorn een track uit het genre draaien en in die afwisselende set van hem was het helemaal fantastisch, maar achter elkaar werd ik er toen knettergek van.

Times flies when you’re having sun. De avond is nog niet gevallen of Lee wordt afgelost door All Day I Dream Dj-Yokoo (oftewel Brother From Another Mother). Yokoo neemt het stokje bekwaam over, zondermeer, maar ik verlies enigszins de aandacht. Komt misschien omdat ik de set van Lee nog aan het processen ben. Tijd om even rond te lopen en een plasje te maken. Dat doe je bij Woodstock in de ‘pisbak’. En omdat ik een plas-partout heb genomen voor drie euro (de hele dag vrij naar het toilet) heb ik een stempel gekregen op mijn polsbandje met de tekst: ‘Harde Kak.’ Ik houd er van.

Sicco en ik bestellen wat te eten en ze mogen hier dan misschien wat aan de onsmakelijke, platte kant zijn, de catering is helemaal okay. Het broodje met overheerlijke pulled pork, vers van de barbecue, is dik in orde en de frieten zijn zalig. Wow! Wat een gezelligheid allemaal! Wat te doen met al die calorieën ? Eraf dansen natuurlijk. Sicco neemt het voortouw. Heerlijk om mijn maat helemaal in zijn eigen wereld, zijn eigen Siccodome, te zien.

Goodbye, Macho City!

Lee zit binnen een hapje te eten en in het voorbij lopen, geef ik hem een knuffel. Goodbye, macho city!

‘Great set!’ zeg ik. ‘Ik neem meteen even afscheid van je, voordat ik je niet meer zie.’ ‘Kom je naar All Day I Dream op het ADE?’, vraagt Lee. ‘Does the pope shit in the woods?’ antwoord ik.

Rond half elf is Sicco uitgedanst en besluiten we te gaan voordat het laatste fluitsignaal heeft geklonken en het gros van het dansvolk met het openbaar vervoer een goed heenkomen wil zoeken.

Als we in bus 81 zitten, denk ik opeens aan de wereld waarin we leven. Een beetje vreemd moment misschien, maar ik denk aan een wereld waarin geen metropool meer veilig is voor terrorisme en waarin de leider van het Vrije Westen achter de tralies van een zwaar bewaakte inrichting thuis hoort. We leven in een wereld waarin verbinding een opgave lijkt te zijn, terwijl het onze natuur is om te verbinden.

Er schiet me een spreuk te binnen die ik laatst las:

Het zijn niet de gelukkige mensen die dankbaar zijn. Het zijn de dankbare mensen die gelukkig zijn.

Of met andere woorden: het feest ben je zelf.

En als iemand dat begrijpt, dan is het Lee Burridge wel.

*Ik heb voor het eerst in mijn leven een geliefde, die fan van Donald Fagen is. Om nou te zeggen dat ik daarom zo onwijs gek op haar ben, zou te ver gaan, maar het is in ieder geval geen toeval.

 

Hieronder een mooi gefilmde, 2 uur durende set van Lee:

Deel dit artikel