Coen en Mick over van alles (deel 4)

Entertainment

Coen en Mick over van alles (deel 4)

Door -

Deel dit artikel

In deel 4 van deze wekelijkse briefwisseling heeft Coen het over dance & drugs en geeft hij Mick terloops een compliment. Dat wordt in dank ontvangen. Al zet laatstgenoemde zichzelf wel weer terug op aarde.

Fotografie: Dennis Bouman

Van Coen aan Mick

Mick,

Ben je klaar voor een lange inleiding, die eindigt in een klein applausje?

Het is dat je er niet naar vraagt, maar met ouder worden heb ik op zich niet zo’n probleem. Het probleem zit vaak in je eigen hoofd; “vinden andere mensen dat ik hier te oud voor ben?” Ik hoorde een vriend laatst zeggen dat je boven de 50 éigenlijk niet meer naar clubs moet gaan (“dan sta je toch een beetje voor lul”) en al helemáál geen drugs meer kunt gebruiken, om maar wat te noemen. 50 is voor hem een magische grens. Je moet op tijd beseffen waar het allemaal te laat voor is.

Ik ervaar dat helemaal niet zo. De leeftijd is het probleem niet. Natuurlijk veranderen dingen. Veel te snel naar mijn smaak.

Inmiddels is het niet meer voor te stellen, maar ik raakte oprecht in paniek als ik op zaterdagavond niet uit kon gaan. Dan was ik echt doodziek. Létterlijk doodziek, want een andere reden kon er niet zijn. Op zaterdagavond moest je weg. Naar een club, of naar een houseparty. Anders miste je van alles.

Ik herinner me een feest in de Beurs van Berlage in februari 1993. Zo’n feest waar iedereen het over had. Al weken. Ik had me er zó op verheugd en dat zal je dan net zien: ik had 49 graden koorts, althans: zo voelde het. Aanvankelijk wilde ik niet toegeven aan een beetje koorts - het speelt vér voor de Coronacrisis - bovendien, een avondje naar de iT of naar de Roxy had al meermalen tot een wonderbaarlijke genezing geleid. Maar in dit geval moesten zelfs mijn stapvrienden toegeven: dit kon echt niet.

Nadat zij luid toeterend vertrokken richting Amsterdam probeerde ik wat te slapen op de bank, maar dat lukte natuurlijk totaal niet. Ik dacht alleen maar aan alles wat ik aan het missen was: Remy, Dimitri EN Marcello. Het supertrio. Op zo’n locatie waar een dergelijk feest nooit meer zou gebeuren, dat besef had ik toen al. We zijn nu 25 jaar verder en ik baal nog steeds.

In die tijd ging alles niet op een appelsapje, zo eerlijk moeten we zijn. Ik zou willen zeggen dat ik een gezonde dosis ervaring met drugs heb. Daarmee bedoel ik dat het gelukkig niet (al te vaak) uit de hand is gelopen, op een zeker aantal excessen na, die binnen mijn vriendenkring zijn uitgegroeid tot legendarische anekdotes. Maar daarover een andere keer ook niet.

Ik weet van mezelf dat ik best verslavingsgevoelig ben. Denk hierbij aan allerlei soorten dik makend voedsel, een nog net handelbare hoeveelheid alcohol, obsessief kijken van Netflix series, ach, zo kunnen we nog wel even doorgaan.

Maar buiten dat ben ik altijd relatief voorzichtig geweest. Ik ben redelijk braaf geweest, zo heb ik nog nooit gedurfd om bijvoorbeeld cocaïne te proberen, iets wat mensen moeilijk te geloven vinden van iemand die 30 jaar in de uitgaanswereld heeft gewerkt. De reden is niet al te nobel; ik ben altijd als de dood geweest dat ik het te leuk vind.

Mick, ik las deze week een stukje van jouw hand, waarin je beschrijft dat je na 7 jaar alcohol- en drugsvrij opeens BIJNA een zwak moment had. Ik dacht gelijk: hij wilde cocaïne gaan gebruiken! Ik schrok. Het bleek te gaan om een zwak moment waarin je BIJNA een glas alcohol had besteld. Ik druk BIJNA in hoofdletters omdat het dáárom gaat. Bijna is in the end helemaal niet. Dat vind ik extreem knap. Ik geef bij deze een applaus.

Want dat je niet zo snel een snuif zult nemen, dat vind ik nog wel énigszins te begrijpen als je weet welke weg je hebt moeten afleggen om tot dit punt te komen. Maar één glas alcohol lijkt zo onschuldig en is zó ontzettend ‘verkrijgbaar’, dat ik het bijna ondoenlijk vind om daar niet voor te bezwijken. Jij doet dat toch maar. Ach vooruit, nog een applaus.

Mensen die geen ervaring hebben met verslavingen hoor ik wel eens zeggen: “het is gewoon heel simpel, je moet gewoon niet meer drinken.” Of “als ie dan tóch weer gaat gokken, dan moet ie t zelf maar weten. Dan trek ik mijn handen ervan af.” Hele begrijpelijke, doch weinig empathische reacties. Ik heb helaas verslavingen van dichtbij meegemaakt in familie- en vriendenkring. Mensen verloren en/of naar de kloten zien gaan.

Anderen zijn echter bewonderenswaardig wél op het goede pad uitgekomen. Soms mensen waarvan je het nóóit meer gedacht zou hebben in – pakweg - 1995. Ik wil maar zeggen, sommigen hebben geluk gehad. Dat is een kwestie van genen (vaak dié genen die het voor de rest verpesten), afkomst en vriendenkring. Maar uiteindelijk moet je het allemaal zelf doen.

En daarom chapeau, vriend Mick. Je hebt het ‘m toch maar geflikt. En natuurlijk, waakzaamheid blijft geboden. Maar ik heb het gevoel dat dat wel goed zit.

Vooruit. Nog één klein applausje dan. Maar dan is het genoeg, anders word je arrogant. Ik weet hoe je bent.

Kus (Denkbeeldig natuurlijk!!! Denk aan Corona! Een elleboog dan),

Coen.

PS: De Waakzaamheid. Dat was ook een leuke tent. Of niet soms?

Van Mick aan Coen

Lieve Coen,

De Waakzaamheid was een uitzonderlijk leuke tent! Ik herinner me opeens een moment dat ik daar bij de toiletten stond en een jongen, genaamd Jan, niet kon plassen in het urinoir. 'Het lukt niet,' stamelde hij. Toen was ik al een soort van ervaringsdeskundige en zei tegen hem: 'Doe dit. Denk aan kabbelende beekjes, desnoods aan watervallen.' Jan sloot zijn ogen en met een verheerlijkte blik op zijn gezicht, zei hij een minuut later: 'Man, wat is dat mooi! Die beekjes, die watervallen!' 'Maar,' voegde hij eraan toe. 'Ík kan nog steeds niet plassen.'

Ik moet je complimenteren. En nee, dat is niet omdat je mij in je brief bewierookt, dat zou wel heel klef en opvallend zijn, maar simpel omdat ik dit al een tijdje tegen je wil zeggen. Wat ben jij op dreef in je brieven! Ik heb het altijd al gevoeld en gevonden, dat je een schrijver van formaat bent (no pun intended), maar de laatste tijd ben je echt los. En dan de snelheid waarmee je schrijft; die is ronduit jaloersmakend.

Om half 11 vanmorgen had ik je aan de lijn met de vraag of jij deze week wilde beginnen met onze briefwisseling en om 11 uur kreeg ik je bijdrage in de mail. Je brief bevat 1071 woorden en dat betekent dat je in een half uur tijd de Olympische snelheid van 1,6 seconden per woord hebt bereikt. Met andere woorden: je schrijft sneller dan je schaduw. Respect!

Als je in de jaren vijftig had geleefd, dan had je waarschijnlijk net als de Amerikaanse schrijver Jack Kerouac geen a4tjes in je schrijfmachine gedraaid, maar 8 rollen papier van 3,6 meter elk. Zo kon Jack achter elkaar op koffie en benzedrine zijn magnum opus On The Road schrijven in slechts drie weken tijd (!). Ken je dat boek? Als puber verslond ik het. Het ging over twee gasten die een roadtrip door de VS maakten en zich onderweg laafden aan jazz en dope. Ik dacht: zo wil ik later ook leven.

En dat is me aardig gelukt, moet ik zeggen. Maar of ik nou zo gelukkig en zo'n fijne jongen was met al die middelen in mijn Mick, trek ik achteraf toch wel ten zeerste in twijfel. Noem mij 1 iemand in actieve verslaving die niet liegt, bedriegt, manipuleert of egoïstisch is. Dat wordt lang nadenken. Want zo iemand bestaat niet.

In je brief haal je mijn stukje aan, waarin ik beschrijf dat ik na 7 jaar alcohol- en drugsvrij zijn opeens BIJNA een zwak moment had. En jij bent niet de enige die me complimenteerde daarmee. Van alle kanten kreeg ik lof toegezwaaid. En heel eerlijk: daar gaat ondergetekende altijd wel een beetje van zweven. Zulks vult de ego-ballon, zeg maar. En dan kan het geen kwaad als er iets gebeurt waardoor ik weer met mijn voeten op de grond kom.

Gisteren was een mooi voorbeeld. Ik was door die lieve en leuk gekke Jack en Maz van Dj Fanclub en de Goude Kabouter Awards gevraagd of ik het eerste exemplaar van het Dj Fanclub Boek in ontvangst wilde nemen. Die feestelijke uitreiking vond plaats bij het filiaal van boeken- en platenzaak Mary Go Wild op de Mokumse Zeedijk, tevens uitgeverij van de Dj Fanclub titel. Het was een gezellige bijeenkomst, waar Jack de Vogeltjesdans draaide, de geweldige Dennis Bouman de foto's maakte en Buttslammer (die MC is drie keer groter dan ik!) de avond aan elkaar praatte

Als middelpunt van de belangstelling voelde ik me weer helemaal het ventje natuurlijk. Totdat ik aan het einde van de avond de vrouwelijke Dj zag die de bestie was (is?) van een ex van me. De Dj en ik hadden elkaar bijna 20 jaar niet gezien en onze blikken kruisten elkaar heel even. In dat ene moment glimlachten we minzaam naar elkaar.

Ik had op haar af kunnen stappen en gedag kunnen zeggen, maar ik durfde dat niet. Want op dat moment moest ik denken aan hoe ik haar vriendin had belogen en bedrogen. Weliswaar belazerde ik mezelf ook door te denken dat ik een recreatief drugsgebruiker was, die alleen al voor zijn werk als nachtreporter drugs moest gebruiken, maar dat was nog geen excuus om een lieve, jonge vrouw zo ongenadig op haar ziel en hart te trappen.

Als verslaafde in herstel is zo'n moment, waarin je weer op aarde landt, eentje om te koesteren.

Liefs en fijn weekend alvast,

Mick

p.s. Heb je al aandelen Netflix gekocht? Doen! Dat is het enige bedrijf dat wel vaart bij de Corona-crisis...

Het must have Dj Fanclub Gouden Kabouter Boek is te bestellen op de site van Mary Go Wild.

Deel dit artikel