Brief aan Freek de Jonge (over FREEK)

Entertainment

Brief aan Freek de Jonge (over FREEK)

Door -

Deel dit artikel

Naar aanleiding van zijn bezoek aan de première van FREEK, vandaag een week geleden in Tuschinski, schreef Mick Boskamp een open brief aan Freek de Jonge.

Deze door Dennis Alink fenomenaal georchestreerde docu, waarvan elke minuut boeiend is, heeft alles wat ik op dat moment nodig had.

Beste Freek, 

Dit is al de tweede brief in een jaar tijd die Mannenzaken aan je schrijft, maar op de één of andere manier kunnen we het niet anders doen dan zo. Misschien komt dat omdat je zo aanwezig bent geweest in ons leven of omdat er altijd wel een aanleiding is om ons persoonlijk te richten tot je. Willem Schouten, een groot fan, schreef op 1 januari 2018 aan je: 'Tijdens mijn jaren als Playboy-redacteur had ik ooit bedacht om je te interviewen aan de hand van citaten uit je voorstellingen. Zoals: Ik heb een kind verwekt dat ik niet lang gekend heb. Toch huilt het elke nacht in mijn hoofd.' Ik kom hier later op terug.

Afgelopen maandag was ik in Tuschinski op de première van FREEK, een documentaire over jou van regisseur Dennis Alink, die – hoe jong ook – met portretten over George Sluizer en Herman Brood bewees een groot verhalenverteller te zijn. Je stond bij de ingang de gasten te begroeten en ik kreeg een hand van je, maar je herkende me niet. Logisch. Ik denk dat zelfs mijn lief me niet zou hebben herkend. Die middag was ik naar een dienst in Ruigoord geweest voor een vorige week overleden vriendin van me, die hoedenmaakster was. Op de uitnodiging stond dat je je kleurrijkste outfit moest aantrekken en je mooiste hoed moest opzetten. En tijd om iets anders aan te trekken naar Tuschinski had ik niet.

We hebben elkaar een aantal keren ontmoet. Zo'n 37 jaar geleden sprak ik je voor het eerst. In de kantine van Zeeburgia. Je speelde samen met mijn broer Hans in het elftal dat als geuzennaam de Bekenners droeg en waarin ook Sjaak Swart en wijlen Maarten de Vos zaten. Ik kan me herinneren dat je als rechtsback een gebrek aan techniek ruimschoots compenseerde met een grenzeloos fanatisme. Je kende mijn vader Hans Boskamp, die ook nog eens een goede vriend van je schoonvader Eli Asser was. En toen ik je niet lang daarna in de business club van het oude Ajax stadion in de Watergraafsmeer trof, hadden we een tof gesprek. Je was heel anders dan op het podium. Warm, vriendelijk, soft spoken. De laatste keer dat we contact hadden, was in april van 2012, toen ik je had geïnterviewd ter gelegenheid van het verschijnen van het album Zonde en je me daarna uitnodigde voor een album-presentatie in het Nieuwe De La Mar Theater. Je stelde me toen voor aan je vrouw Hella met de zin die ik zo vaak in mijn leven had gehoord: 'Dit is de zoon van Hans Boskamp!'

Ik moest aan die album-presentatie denken toen je aan het begin van de documentaire samen met André van Duin in hetzelfde Tuschinski onbedaarlijk zat te lachen om Laurel & Hardy. In het Nieuwe De La Mar-theater had André voor me gezeten en zijn bulderende lach staat me nog steeds bij. Hoewel het een liedjesshow betrof, was je die avond tussen de songs door dan ook behoorlijk op dreef. Tijdens mijn reis met het OV van Ruigoord naar de Reguliersbreestraat vroeg ik me echter af of het wel een goed idee was om naar Tuschinski te gaan. Van de trailer was me duidelijk geworden dat deze docu niet om te lachen was. En hoewel de dienst voor de vriendin uitmondde in een catharsis met dansende mensen had ik behoefte aan luchtigheid. Anderhalf uur later kwam ik tot de conclusie dat ik de enige juiste keuze had gemaakt.

Hoe gek het misschien ook klinkt, maar FREEK bood troost. Deze door Dennis Alink fenomenaal georchestreerde docu, waarvan elke minuut boeiend is, heeft alles wat ik op dat moment nodig had. Er was ontroering, er was herkenning, er was irritatie, er was verwondering, ja, er was ook een lach. Echt antwoorden op je zoektocht naar hoe lang je door kon gaan na je 75e als podiumdier, het leidmotief van FREEK, werden niet tot nauwelijks gegeven. Daarvoor in de plaats kwam naar voren een Mensch dat pas durft te leven bij de gratie van zijn creatie. En wat een levenslust zit er dan in je.

Wat dat betreft vormde je ook een opvallend contrast met je leeftijdsgenoten die voor deze publiekspremière waren uitgenodigd omdat ze ook 75 waren. De energieke manier waarop je liep en sprak maakte dat je 25 jaar jonger leek dan het 'oudere' publiek. En het gelul dat jij en je vrouw een soort Nederlandse John & Yoko vormden, kan door het zien naar FREEK ook naar het land der fabelen worden verwezen. Hella heeft zich, zo blijkt, vaak voor je weggecijferd, heeft je altijd gesteund op een niet dwingende manier en als het allemaal teveel voor je werd en je geen raad wist met je gevoelens, had ze daar begrip voor. Ook een eervolle vermelding gaan naar de vrienden van je in de docu, André van Duin, Herman Finkers en met name Jacques Klöters, die de vinger regelmatig op de zere plek legt. Bij de ontroerende, maar ook ongemakkelijke scène dat Hella en jij de planten op het graf van jullie in 1974 overleden zoon Jork water geven, lijkt het of dat moment geen emoties bij je los maakt. Ik moest toen denken aan dat citaat van jou uit Willem's brief:

Ik heb een kind verwekt dat ik niet lang gekend heb. Toch huilt het elke nacht in mijn hoofd.

Ik hoop dat je nog heel lang in ons midden blijft, maar als jouw moment daar is, dan kan het niet anders dan dat het gebeurt als je nog bezig bent met spelen of met creëren. Want alleen als je leeft, kun je dood gaan.

ps. Voor mensen die deze brief meelezen en misschien niet alles begrijpen, ga naar FREEK in de bioscoop. Want op het grote scherm voltrekt zich pas echt een wonder.

Deel dit artikel