Aan de wieg van Over Mijn Lijk

Entertainment

Aan de wieg van Over Mijn Lijk

Door -

Deel dit artikel

'Over My Dead Body was de titel waarmee ons programma Over Mijn Lijk werd verkocht op de televisiebeurs in Cannes.' Zo begint het eerste stuk van onze nieuwe columnist Tino Stuij. Mannenzaken is er trots op om deze fameuze televisieman in hart en nieren binnen de gelederen te hebben. Want schrijven kan hij ook al. Dit is een mooi verhaal over de winnaar van de Gouden Televizierring 2020.

Tekst: Tino Stuij

Dus draaiden we het om. En bedachten een tag waar we ons allemaal aan vast konden houden. En die tot op de dag van vandaag bij mijn weten nog steeds wordt gehanteerd: Hoeveel leven zit er in sterven?

Over My Dead Body was de titel waarmee ons programma Over Mijn Lijk werd verkocht op de televisiebeurs in Cannes. Producent Marc Dik en ik luisterden op gepaste afstand mee met het verkooppraatje in de beursstand. Wij hoopten natuurlijk dat ons kindje als diep inhoudelijke serie aan de man zou worden gebracht. Zo uniek. Nog nooit was er een programma zoals OML gemaakt en het zat voor ons als gepassioneerde programmamakers tegen kunst aan natuurlijk. Hoe mooi, hoe integer, hoe inspiratief.

Maar het praatje dat we hoorden leek in het niets op wat wij wilden vertellen natuurlijk.

Sterker, het werd een behoorlijke deceptie die ons meteen achter twee grote glazen bier op het terras van de Croisette dwong. Vertegenwoordigers op stofzuigerbeurzen zouden er in onze optiek met meer prudentie mee om zijn gegaan. Het luistervinken was voor ons na drie minuten wel voorbij. Het praatje kwam erop neer dat wanneer de tv-bobo’s uit Zweden de rechten zouden kopen ze ook een leuke package deal met Spoorloos of een soort Wie ben Ik konden maken. Huh? Jawel, voor ons is een programma bloed zweet en tranen maar voor verkopers op een tv beurs zoiets als een Hyundai waar je een autoradio bij doet om de deal te sluiten.

Op auditie bij rock ’n roll BNN

Een beetje verstild hebben we volgens mij op het leven geklonken en zijn we langzaam teut geworden. Bij mijn weten was dit overigens de enige negatieve bijsmaak rond het prachtige programma. Marc Dik en Wilfred Drechsler wandelden enige productietijd voor dit moment bij BNN naar binnen. Collega Maarten van Dijk en ik ontvingen beide heren in de bar van BNN. Ze waren hoffelijk, enigszins bedeesd zelfs. Voorzichtig manoeuvrerend omdat ze nog nooit iets buiten het voor hun vertrouwde nest van de EO hadden gemaakt. En nu dus op auditie bij rock ’n roll BNN. Dat was nogal een overgang.

Ze presenteerden een keurig idee over stoornissen in mijn optiek. Met een prachtig geplastificeerd boekje erbij, helemaal tot in de puntjes uitgewerkt. De presentatie was gelikt en zeer professioneel. Maar Maarten en ik waren er al snel over uit dat we dit niet gingen doen. Het gesprek leek in schoonheid te sterven.

Maar voordat we beleefd afscheid zouden nemen, opperde Marc als een soort inspecteur Columbo met de deurklink in zijn hand: ‘We hebben eigenlijk nog een idee, dat hebben we nog niet op papier…’

We wachtten de tweede zin geduldig af en Marc vervolgde door te zeggen dat ze graag terminale jongeren wilden volgen voor een langere tijd.
Het was de kortste en beste pitch ever.
‘Dat gaan we dus wel doen.’

Natuurlijk was er scepsis

Ik weet niet in welke stemming de heren het pand hebben verlaten maar niet veel later zaten we in een brainstorm opnieuw bij elkaar. Dat we het gingen doen was wel duidelijk. Maar even heel praktisch, hoe lang volg je een groep terminale jongeren ? Een jaar, een half jaar, tot ze dood zijn ? Volgens mij was het op dat moment voorjaar. En namen we een zeer klinische en praktische beslissing. ‘Dit klinkt harder dan we bedoelen, het zijn natuurlijk geen kalkoenen, maar laten we kijken of ze de kerst halen. Er moet tenslotte een eindpunt zijn. Anders is dit niet te doen.’

En zo geschiedde. Patrick Lodiers aan boord, Francois de Kok, Mariska Witte en Martijn Nijboer. Traumatherapeute Maria van Lieverloo, die ook Ruud de Wild, Sander de Heer en Jeroen Kijk in de Vegte begeleidde nadat ze getuige waren van de moord op Pim Fortuin, werd toegevoegd aan het team om ondersteunende sessies te doen. Want zo intens de dood van dichtbij meemaken laat diepe emotionele sporen achter bij ieder weldenkend mens.

En natuurlijk was er scepsis, vanuit diverse hoeken.

Wie wil er in hemelsnaam naar stervende jongeren kijken?

Dus draaiden we het om. En bedachten een tag waar we ons allemaal aan vast konden houden. En die tot op de dag van vandaag bij mijn weten nog steeds wordt gehanteerd: Hoeveel leven zit er in sterven?

Als de dood je op de hielen zit

Inmiddels vier presentatoren en talloze seizoenen verder. En natuurlijk winnaar van de heilige graal van televisieland, de Gouden Televizierring.
Als de dood je op de hielen zit, lijkt tijd een schaars goed.
Dan is wachten op zo’n ring een split second.
En gelukkig hoeft er niets aan niemand verkocht te worden op een beurs.
Het leven heeft geen prijskaartje of prijzen nodig gelukkig.

OML zou sowieso een winnaar zijn geweest, wat er ook gebeurde.

Deel dit artikel