Oh Kut. Jules Deelder is dood.

Actueel

Oh Kut. Jules Deelder is dood.

Door -

Deel dit artikel

Lieve Jules, Ik weet nog precies wanneer en waar het was dat we elkaar voor het eerst spraken. Het was in mei 1984. Vijfendertig jaar geleden!

Op het fameuze Playboy-feest in Hotel Bouwes in Zandvoort, toen het blad 1 jaar bestond. Iedereen in Nederland die ertoe deed, was daar, mannen in smoking, vrouwen in het lang. Centerfold trad voor het eerst op en de Frank Grasso Big Band speelde samen met Hans Dulfer, die het dak eraf blies en zijn saxofoon liet balanceren op zijn kin.

Toen ik vertelde dat ik net als jij van jazz hield en dat ik net een album van één van mijn favoriete westcoast saxofonisten Art Pepper had gekocht, was het ijs gebroken.

In de jaren daarna zouden we elkaar nog regelmatig treffen voor Playboy. Ik denk daarbij aan de geweldige modeserie die ik produceerde en die Paul Huf fotografeerde, met mijn broer Hans Boskamp Jr. als stylist. Jij droeg een hagelwit en gladgestreken overhemd, waar geen kreukje in te bekennen was. Die foto zoek ik nog eens op en dan plaats ik hem op social media.

Ik denk aan de keren dat we elkaar tegenkwamen in Den Haag op het North Sea Jazz Festival en we heerlijk konden ouwehoeren over jazzmuzikanten. Hoe obscuurder, hoe beter. Wat kreeg ik altijd een warm gevoel bij jou. Ik moest ook zo om je lachen. De manier waarop je sprak alleen al, de verbanden die je legde, je ontroerende enthousiasme, mijn avond in dat congrescentrum kon niet meer stuk als ik je had ontmoet.

Nadat het nieuwe Millennium was begonnen, zag ik je minder. Ik kan me nog wel die keer herinneren dat ik als kandidaat mee deed aan de eerste Amsterdamse Nachtburgemeester verkiezing begin 2000 en ik bij jou te rade ging voor een verhaal in Playboy. Want jij was tenslotte de eerste en enige Nachtburgemeester van Nederland.

Uit dat verhaal:

Na afloop van de voorstelling van zijn literaire show Deelderama ontving hij me achter de coulissen op audiëntie.

Hij stak meteen een soort dialoog af, die begon met een vraag: 

Doen er ook kroegbazen mee aan de verkiezingen? O, ja, kroegbazen en party-organisatoren. Kijk, zie je wel. Die zien daar dus brood in. Het is allemaal eigenbelang. Ik heb die naam gekregen, in de volksmond, en die pakt niemand mij af. En wie er ook in Amsterdam gekozen wordt, het zal altijd een slap aftreksel van de real McCoy zijn. Wat ik nooit heb gedaan, is die naam laten registreren, maar dat ga ik alsnog doen. Bij deze is de naam gecopyright! De naam nachtburgemeester draagt bij aan de legende, aan de mythe, laat ik het zo zeggen. Verder heb ik er nooit echt voordeel van gehad, eerder nadeel wellicht, want misschien heeft iemand me wel eens voor mijn muil geslagen omdat ik nachtburgemeester ben, dat weet je niet, weet je wel? Ik mag hopen dat ze op de feestelijkheden die ongetwijfeld zullen worden aangericht bij de verkiezingen in Amsterdam zich zullen herinneren wie daar zijn zegen moet komen geven. Zijn goedbetaalde zegen dan.’

Ik hoor het je nog zeggen. Typisch Deelder. De laatste keer dat ik je zag, was nog niet eens zo lang geleden. Afgelopen zomer, op de presentatie van het fraaie Rotterdam Magazine Gers in LOOPUYT, een pakhuis aan het water in Schiedam. Mijn vriend Dj B.O.B. moest daar draaien en had me meegenomen. Jij was daar ook. Je had je eigen vertrek waar je gasten ontving en de Gers Magazines liet zien waar je in stond en de cover van had gesierd. En niet te vergeten: je liet mensen proeven van je Deelder Hard Gin (limited edition 1944).

Toen je mij zag, stak je meteen van wal: 'Weet je nog die keer in de studio bij Paul Huf? Ik zie je broer nog dat overhemd strijken dat ik aan moest, minutieus mag ik wel zeggen! Ben je nog fan van Art Pepper?'

Nee, met je geheugen was niks mis. 75. Te jong naar mijn idee. Ik zag je zelden nog. Echt vrienden zijn we nooit geweest. Maar ik ga je wel goed missen.

p.s. Van diezelfde dj B.O.B alias reclameman Bob van der Linden, die ik vandaag heel erg dankbaar ben dat hij me heeft meegetroond naar Schiedam die zomerdag, kreeg ik nog een mooie anekdote over je. Bob organiseerde een corporate event voor de Nederlandse vestiging van een Frans bedrijf, actief in de grote industrie. De directie vond het een goed plan om een er een typisch Rotterdams sfeertje aan te geven, dus werd jij opgenomen in het programma. Het event vond plaats in een zaal van Ahoy, waar de dames en heren in een keurige kleding opgeprikt achter hun tafeltjes heel erg hun best zaten te doen om beleefde gesprekken te voeren. Jij was niet te briefen die avond. Je wilde alleen opkomen als je je eigen invulling kon geven aan wat je ging doen. De zaal was muisstil. Je sloeg je boek open en je begon een gedicht voor te lezen over de flamoes. De directie verstijfde, de mannen keken verbijsterd naar de vrouwen en vice versa. Toen werd er gegrinnikt. En uiteindelijk kreeg je de hele zaal los. Werd het toch nog een bonte avond.

Hier is dat gedicht, getiteld Oh kut:

Oh kut, oh snee, oh pruim, oh spleet, oh gleuf, oh naad, oh kier, oh reet, oh gat, oh dot, oh doos, oh meuk, oh muts, oh klier, oh bef, oh prut, oh peer, oh vijg, oh dop, oh deur, oh lek, oh put, oh kloof, oh scheur, oh rits, oh snits, oh lik, oh stuk, oh pot, oh punt, oh kruis, oh munt, oh poort, oh zucht, oh tuin, oh lust, oh moes, oh vlaai, oh muis, oh trut, oh vlucht, oh krocht, oh brug, oh kolk, oh veeg, oh dirk, oh kees, oh hol, oh grot, oh schacht, oh bron, oh dal, oh hok, oh wak, oh wel, oh kwal, oh soes, oh tas, oh voos, oh kwast, oh zweer, oh puist, oh moot, oh schram, oh flens, oh roos, oh poes, oh jet, oh sluis, oh pomp, oh lurk, oh kets, oh schelp, oh snee, oh poel, oh zee, oh zacht, oh zout, oh zoet, oh wee, oh hals, oh fles, oh vaas, oh kat, oh mond, oh wond, oh jaap, oh kwel, oh vat, oh val, toef, oh zalf, oh vloek, oh troost, oh kuil, oh graf, oh klem, oh kluif, oh spons, oh kruik, oh klit, oh snor, oh plons, oh fuik, oh dons, oh kluit, oh lonk, oh tuit, oh in, oh uit, oh in, oh uit.

Gallery




Deel dit artikel